Posts tonen met het label hartverwarmend. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hartverwarmend. Alle posts tonen

woensdag 20 augustus 2014

Kippensoep momentje



Je kent het wel, zo’n dag waarop je het liefst wegkruipt op de bank, je verstopt onder een deken en de wereld even laat voor wie zij is. Gewoon omdat het niet je dag is, je weer niet is of omdat je even de boel de boel wilt laten. Iedereen heeft wel eens zo’n dag. Ik heb wel eens zo’n dag. En zo’n dag vraagt om soep. Hartverwarmende kippensoep. Lekker-op-de-bank-kruip-kippensoep.

Soup by Larisse ©


Gelukkig heb ik voor dat soort momenten altijd een voorraad kippenbouillon in de vriezer staan. Huisgemaakt. Uiteraard. Dat is echt super simpel. Gewoon een soepkippetje in de pan – een paar poten volstaat ook-, lekker wat groenten en kruidjes erbij, beetje zout, vleugje citrus. En koken maar! Echt. Een kind kan de was doen. Van zo’n bouillon maak ik dus pannen vol en een gedeelte daarvan gaat steevast de vriezer in voor een nader te bepalen kippensoep momentje. Want op zo’n jij-ziet-mij-lekker-niet moment, heb je natuurlijk ook geen zin om naar de poelier of slager te gaan voor een verse soepkip. En daar zijn liters diepgevroren bouillon een uitkomst voor.

Verse groenten heb ik overigens altijd wel in huis (jij toch ook?) of tuin en daar kun je bovendien eindeloos mee variëren. Niets heerlijkers dan zo’n soep die in de basis hetzelfde blijft maar waar je stiekem toch telkens een nieuwe variatie op maakt. Puur door steeds weer andere groenten toe te voegen. Zo gemakkelijk kan heerlijk zijn! Overigens kun je de soep naar wens ook wat meer ‘body’ geven door het toevoegen van bijvoorbeeld rijst, pasta (al dan niet glutenvrij), bulghur of quinoa, of linzen. Zo maak je van een kommetje troostsoep gemakkelijk een maaltijdsoep. Kun je lekker nog langer schuilen.

Kippensoep momentje in wording ©

Ingrediënten (voor een pan vol, minimaal 4 kippensoep momenten of 4 personen):
1 sjalotje, gepeld
2 tenen knoflook, gepeld
2 cm verse gemberwortel, geschild
1 cm goela djawa
½ theelepel djahé (gemalen gemberwortel)
½ theelepel ketoembar (gemalen korianderzaad)
3 eetlepels olijfolie (of andere plantaardige olie)
2 liter kippenbouillon (heet)
1 stengel sereh (citroengras), gekneusd
sap van 1 limoen
minimaal 500 gram groenten, bijvoorbeeld: bleekselderij, bloemkool, prei, champignons, wortelen, pastinaak, taugé, zo nodig klein gesneden
2 eieren, geklutst

Bereiding:
Maal het sjalotje met de knoflook, de gemberwortel en de goela djawa tot een pasta in de vijzel.
Voeg vervolgens de djahé en ketoembar toe.
Verwarm de olijfolie in een soeppan en voeg daar de zojuist gemaakte pasta aan toe. Roer het even goed door en laat het enkele minuten bakken maar niet aanbranden.
Voeg vervolgens de hete bouillon toe met de sereh en de limoensap en breng het geheel aan de kook.
Voeg dan zoveel groenten toe als je wilt en laat het nog even zachtjes koken tot de groenten gaar zijn. Voeg groenten als taugé pas vlak voor serveren toe.
Haal tot slot de pan van het vuur en draai er met een pollepel snel rondjes in zodat als het ware een draaikolkje ontstaat. Giet dan het geklutste ei in de soep en roer het nog even goed door totdat het gestold is.
Serveer heet voor directe hartverwarming ;-)

Tips:
Voeg eventuele rijst, pasta, bulghur, quinoa of linzen toe als de bouillon net kookt, ruim voor je de groenten toevoegt.

Voedselovergevoeligheid?
Wanneer je zelf bouillon en soep maakt, heb je ook zelf in de hand wat je wel of niet toevoegt. Pas de ingrediënten dus gewoon aan. Laat ingrediënten weg, voeg ingrediënten toe, maak er de soep van waar jij blij van wordt!

Geniet!

Culinaire groet,
Larisse

maandag 29 oktober 2012

Herfst rood


Eigenlijk hebben we nog best geboft met een – voor Nederlandse begrippen – opmerkelijk zacht najaar. Ik kan het niet echt een nazomer noemen, want op het moment dat appels en peren worden geoogst, de blaadjes kleuren en de dagen korten, is het toch echt al herfstig. Ik trek dan ook voortdurend de verkeerde kleding aan. Ga ik met 23 graden in een zomers jurkje van huis, bibber ik in de Westlandse wind met een gure 12 tot 15 graden letterlijk tot op het bot. Of precies andersom: ik trek drie lagen aan en word verrast door een zonnetje met zomerse temperaturen. Ach, het heeft allemaal zo zijn charme, maar met de wisseling van de seizoenen is het toch de oogst en komst van nieuwe seizoen producten die mijn culinaire hart sneller doen slaan. Stoofpeertjes, cantharellen, verse walnoten en cranberries hebben hun weg naar mijn pannen en potten al gevonden. Wat kan ik daar toch weer intens van genieten!
Het valt mij overigens op hoe verschrikkelijk veel tinten rood de herfst kent. De vele tonen rood in de kleurende bladeren aan de boom, vind ik terug in de vele soorten rood in mijn gerechten. Het rood van een in wijn gestoofde peer is weer heel anders dan het rood van een bietencarpaccio of een cranberry. Al deze tonen rood hebben een plek in mijn hart en kleuren mijn inspiratie. Rood is immers ook de kleur van mijn ventje. Zijn lievelingskleur om precies te zijn en dus niet voor niets mijn bedrijfskleur.

Bij ons kleurt de hele maand november rood. Een tikkeltje eerder dan bij anderen vindt bij ons thuis de jaarwisseling plaats als met de start van de novembermaand weer een jaar verstrijkt waarin wij ons allerliefste ventje intens hebben moeten missen. ‘Vandaag is rood’ is inmiddels in onze hele vriendenkring een gevleugeld en intens begrip. Maar het is de diepe betekenis van die kleur wat ons ook juist in de moeilijke novembermaand, weer extra met elkaar verbindt. Voor hen die ons deze week net zoals de afgelopen drie jaar met heel veel liefde en troost omringen, rol ik de rode loper uit. Ik hoef hen niet bij naam te noemen, want zij weten wie ik bedoel.
November is de maand waarin een einde tegelijkertijd ook een begin was: de publicatie van mijn kookboek ‘Lekker eten met voedselovergevoeligheid’, nu twee jaar geleden. Er is veel gebeurd sindsdien. Heel veel mooie dingen. Dingen die mij deden glimmen van trots, blozen van ontroering en stralen van respect. Respect voor al die bijzondere mensen die zich nu samen met mij inzetten om het leven voor mensen met een voedselovergevoeligheid gemakkelijker te maken. Wat roder te kleuren als je wilt, in de meest positieve zin van het woord. Samenwerken is elkaar versterken en ik voel mij bevoorrecht met zulke prachtige mensen met oprechte passie en betrokkenheid samen te mogen werken.

Hoe frappant is het hoe het nu juist de groentespecialisten zijn die zich inzetten voor ‘mijn rood’. Rood is dan wel Daans lievelingskleur, maar groen was zijn ‘veilige’ kleur. Het is bijzonder hoe deze twee kleuren van mijn ventje op symbolische wijze een draadje vlechten door mijn leven. Toeval? Dat denk ik niet.

Enfin, terug naar de fantastische groentespecialisten. 15 van hen, verspreid over heel Nederland, volgen dit najaar de door mij ontwikkelde cursus ‘Voedselovergevoeligheid voor de AGF specialist’. Hun betrokkenheid bij en inzet voor de voedselovergevoelige consument is zowel onderscheidend als inspirerend. Hartverwarmend hoe men zich samen inspant om etiketten te lezen en te begrijpen. Schitterend om te zien met hoeveel passie, zorg en enthousiasme men samen de keuken induikt voor de bereiding van allergeenvrij lekkers van rode biet via gele courgette, oranje pompoen en paarse aardappel naar groene aspergepunten. Rood is een primaire kleur, groen een secundaire kleur. Wanneer je deze – en meerdere- kleuren met elkaar mengt, zijn de mogelijkheden eindeloos.
Mijn vorige blog heeft heel veel los gemaakt. Veel meer zelfs dan ik mij van tevoren had kunnen realiseren. Wie mijn verhaal al kende, las vaak tussen de regels door. Wie mijn verhaal nog niet kende, werd wellicht wat overvallen. Maar de vele prachtige, hartverwarmende reacties die ik van velen van jullie mocht ontvangen, omlijsten mijn dagen met een rood randje. Het sterkt mij in de dagen die moeilijker zijn. Rood, de kleur van liefde, de kleur van passie, de kleur van rode rozen, rode stoofperen, cranberries, bieten en de kleur van de rode ondergaande herfstzon. Maar soms, op een onverwacht moment, lijkt rood dan toch weer heel even vooral het rood dat het moet zijn.

~Rode soep~

Ingrediënten:
* rode ui (om een traantje bij weg te pinken)
* rode tomaten en groene tomaten met een rood hart, bijvoorbeeld:
   pruimtomaten, trostomaten en coeur de boeuf
* rode puntpaprika’s; naast de seizoen producten,
   is dit een product dat gewoon blijft. Gelukkig!
* gerookte knoflook (alleen al de geur doet denken aan een vlammend herfstvuur)
* oregano (want wat is rood zonder een hintje groen)
* fond of zelf getrokken bouillon. Ik heb gevogelte fond gebruikt, maar volg je hart
   (en smaakpapillen).
* olijfolie
* zout en peper naar smaak

Voorbereiding:
* Snipper de ui
* Snijd de tomaten in grove stukken (velletjes en pitjes gewoon erbij laten).
* Snijd de puntpaprika’s klein.
* Hak de gerookte knoflook grof.
* Verwarm de fond, aangevuld met water, in een apart pan

Bereiding:
* Verwarm de olijfolie in een (soep) pan en voeg achtereenvolgens de ui, tomaten,
    puntpaprika’s, knoflook en oregano toe.
* Laat alles een minuut of 10 sudderen op een niet al te hoog vuur met het deksel
    niet geheel gesloten op de pan.
* Voeg vervolgens de fond toe, precies zoveel dat de groenten nét onder staat.
* Kook het geheel op een zacht vuurtje in niet meer dan 15 minuten gaar.
* Pureer de soep nu met een staafmixer.
Voor een groen detail op jouw rood serveer je de soep met een drupje basilicum olie.

De hoeveelheden van de ingrediënten mag je zelf bepalen! Kleuren zijn immers heel persoonlijk ;-)

Culinaire groet!

Larisse
© Larisse®

woensdag 3 oktober 2012

Klein & Groot(s)


Klein & Groot(s)

 

 Zojuist twee dames begroet aan de deur. Eén van hen komt met regelmaat langs en zonder dat zij haar voet daarvoor tussen de deur hoeft te zetten, maak ik altijd even tijd voor haar. Elke drie maanden doet zij haar best mij een hart onder de riem te steken. Haar betrokkenheid en interesse komt voort uit een andere overtuiging dan de mijne, maar wij vinden elkaar in de wetenschap dat er meer is tussen hemel en aarde. En wij delen eenzelfde interesse voor puur en eerlijk eten. Ons driemaandelijkse culinaire praatje over sla uit de moestuin, pompoen in de soep en stamppotten van échte kolen is vaak besprenkeld met een Goddelijk vleugje en eigenlijk altijd wel prettig. Je hoeft niet hetzelfde te geloven om elkaar te respecteren. Je hoeft elkaar niet te begrijpen om de ander wat kracht toe te wensen.

Van mijn ouders heb ik geleerd dat je alles kunt bereiken wat je wilt. Geen wens zo groot of klein, of het ligt binnen je eigen macht om het te bereiken. En ik heb wensen. Kleine wensen, grote wensen.
Mijn zoontje heb ik geleerd dat je alles kunt bereiken wat je wilt. Geen wens zo groot of klein, of het ligt binnen je eigen kracht om het te bereiken. En Daan had wensen. Grote wensen, die klein begonnen.

Voor mijn ventje heb ik nog altijd de grootste wensen en ik zei altijd tegen hem: “Als jij later groot bent, dan…”, en dan lachte hij. Dan lachte hij alsof hij het wist. En dan zei hij dat hij al groot was. De waarheid van deze woorden drong pas tot mij door, op het moment dat hij zijn klein-zijn al had verruild voor een onbegrensde grootheid. Hij was pas vijf en dat vond ik nog best klein. Maar hij was vijf-en-een-half en dat was véél groter dan vijf, corrigeerde hij mij dan. Mijn kleine grote ventje. Zo jong, zo klein maar tegelijkertijd zo groots.

Die woorden spoken de afgelopen twee en een half (bijna drie) jaar met grote regelmaat door mijn hoofd. Die letterlijke woorden schreef iemand mij in één van de vele, vele hartverwarmende reacties en felicitaties die ik mocht ontvangen nadat ik officieel ben genomineerd voor ‘Beste Jonge Ondernemer van het Jaar'. Het enthousiasme van een ieder die mij feliciteerde, was overweldigend. Maar een enkeling begrijpt écht hoe ik mij voel. De dag van de officiële nominatie was een dag met een lach en een traan. Een grote dag waarop ik mij ineens heel klein voelde.

“Eten speelt een belangrijke rol in onze samenleving. Eten is zoveel meer dan voeding tot je nemen. Eten is samen genieten. Maar genieten van lekker eten is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Voor mensen die leven met een voedselovergevoeligheid kan eten heel bedreigend zijn. Levensbedreigend zelfs. Ziek worden van eten dat eigenlijk goed voor je is. Of erger.”

Toen ik Daan eens vroeg waarom hij het zo belangrijk vond dat mijn kookboek (red. Lekker eten met voedselovergevoeligheid) er zou komen, toen antwoordde hij “Omdat iedereen net zo lekker moet kunnen eten als ik, zelfs als ze ‘niets’ mogen!” Toen slechts vier jaar oud wist hij het al beter te verwoorden dan ik ooit zou kunnen. Puur, eerlijk en simpel. Kort na het zeer plotselinge en onvoorstelbare verlies van Daan, richtte ik mijn bedrijf op: zijn woorden werden mijn missie. Het is zo bijzonder hoe klein groot inspireert.

Overigens ben je nooit te klein of te groot om anderen te helpen. Voedselovergevoeligheid is ook niet selectief! Of je nu peuter bent, puber of prinses, iedereen krijgt op enigerlei wijze met voedselovergevoeligheid te maken. Een van de grote momenten van de afgelopen tijd is volgens velen mijn ontmoeting met H.K.H. Prinses Máxima (en Z.K.H. Prins Willem-Alexander), waarbij ik haar mijn kookboek heb aangeboden. Natuurlijk was het bijzonder, zij is absoluut een mensen-mens en een buitengewoon aimabele vrouw, maar dit is niet één van mijn grootste momenten (sorry Prinses). Mijn grootste momenten zijn juist de ogenschijnlijk kleinste momenten. Marnix zijn allereerste cakeje ooit! (Dat zo lekker was dat hij een jaar later tijdens de Familiedag van de SVA terug kwam om er héél véél te proeven.) Ellen die voor het eerst in haar leven uit eten kon gaan en genoot van ‘5 gangen door Larisse’. 25 voedselovergevoelige volwassenen die met 30+ overgevoeligheden samen uitgebreid konden tafelen en (vooral) genieten. Het berichtje van een moeder die mij na mijn nominatie schreef dat haar zoontje dankzij mijn kookboek net zo lekker kan eten als anderen en dat wat hen betreft Daans missie geslaagd is. De kleinste woorden hebben soms de grootste kracht. Het zijn die momenten die mij de kracht geven om vooral door te gaan met de missie die Daan gestart is.

Mijn nominatie leidt er toe dat voedselovergevoeligheid veel meer aandacht krijgt en persoonlijk vind ik dat dan groots. Die aandacht is namelijk hard nodig. Mijn nominatie heb ik opgedragen aan Daan. Een klein gebaar naar mijn grote ventje. In zijn veel te kleine maar oh zo grootse leventje dacht hij altijd aan anderen, iets wat wij in de hectiek van het dagelijkse leven nog wel eens vergeten. Winnen is overigens helemaal niet zo belangrijk. Natuurlijk, het geeft erkenning, het is een eer. Maar de grote vreugde zit vooral in het delen van passie en missie. Dat werd mij ook heel duidelijk tijdens de Finale van de verkiezing van Beste Groenteman van het jaar, waar ik als jurylid mocht optreden. Dat was overigens echt zo’n ‘later-als-ik-groot-ben’ moment, waar ik ineens naast een culinaire grootheid als Rudolph van Veen mocht plaatsnemen (voel je je best klein hoor). De AGF dames en heren hebben mij echt verpletterd. Wat een passie voor het vak, wat een betrokkenheid. Twee groenteheren met hun team, onderscheiden zich echt van de rest, maar in mijn ogen zijn alle finalisten oprechte winnaars. De hartstocht lag niet alleen in hun woorden, maar straalde uit hun ogen, hun presentaties en vakmanschap. Fantastisch ook hoe de medewerker niet in de schaduw van de ondernemer stond, maar naast hem of zelfs naar voren geschoven. Elkaar het spotlicht gunnen, wetende dat niet de één de ander overtreft maar dat samen versterkt. Kippenvel had ik en ik heb vurig mee gejuicht voor alle zes, stuk voor stuk winnende teams.

“Weet u”, zei één van de dames aan mijn deur, “er is geen dood.” De verklaring die zij gaf om haar woorden kracht bij te zetten, kun je ongetwijfeld min of meer invullen. Ik denk overigens dat wij daar allemaal op onze eigen wijze invulling aan geven. De kern blijft hetzelfde: wij zijn er ofwel heilig van overtuigd, of wensen vurig dat het waar is en hopen dat er meer is. Dat meer, dat moet je vooral zelf zoeken. In het leven gaat het er niet om dat je jezelf vindt, maar dat je jezelf ontwikkelt. De ander vinden, dat is een heel ander verhaal. Of je nu een geloof deelt, een passie, of een missie, dat maakt niet uit. Alleen is heel erg eenzaam, maar groot en klein samen, hand in hand, dat versterkt en dat bereikt.

Mijn verhaal begint met de wens van een klein ventje. Een simpele wens die met vervulling heel groots blijkt te zijn. Als je iets wilt bereiken in het leven, verschil wilt maken, dan moet je klein beginnen maar groots denken. 8 oktober is de ontknoping van mijn finale. Geen idee wat de uitkomst zal zijn en eigenlijk ook niet zo belangrijk. Ik gun het de ander net zozeer als mijzelf. Ook dan mag ik weer naast een grootheid staan op het podium, dit keer Humberto Tan. En misschien mag ik mijn spotlight moment dan heel even gebruiken om nog een klein beetje extra aandacht te vragen voor voedselovergevoeligheid. Stel jezelf eens de vraag wat jij kunt doen om verschil te maken voor iemand in jouw sociale netwerk die leeft met voedselovergevoeligheid. Bijvoorbeeld door jouw kind geen boterham met pindakaas mee te geven naar school als er in de klas een kindje met pinda-allergie zit. Of om die ene voedselovergevoelige collega eens te vragen hoe je de lunchbespreking veilig kunt invullen. Jouw kleine gebaar maakt een groot verschil, daar twijfel ik niet aan.

Mijn grote kleine ventje hoort nog heel erg bij mijn leven. Het vervullen van Daans wens geeft mij de kracht om door te gaan in een leven dat heel, heel moeilijk is zonder hem. Maar door alle prachtige mensen die op mijn pad komen, die zich aansluiten bij mijn missie, weet ik het zeker: mijn ventje heeft een onbegrensde manier gevonden om bij mij te zijn. Zo klein en tegelijkertijd zo groots. Hoe mooi is dat?

woensdag 26 januari 2011

Soep zonder tranen

Ik huil tranen met tuiten. Eerlijk waar, er is geen houden meer aan. Grote tranen biggelen over mijn wangen, de één na de ander. Ik wist eens niet dat ik nog zoveel tranen had, maar ze blijven maar stromen. Ik heb werkelijk alles al geprobeerd, maar het is tevergeefs. Een slok water in mijn mond houden, regelmatig spoelen met koud water, een zonnebril opzetten, eerst koelen in de koelkast of vriezer, het mag allemaal niet baten. Uiteindelijk heb ik mij er maar bij neergelegd; mijn keuken is regelmatig een tranendal, maar ach eten is emotie. In koken stop je gevoel. Je hart en ziel als extra ingrediënten. Daar zijn al heel wat films over gemaakt.
Het is zondagavond, het miezert buiten, ik heb het koud en na zeven gangen gisterenavond heb ik nu eigenlijk alleen maar trek in een heerlijke, verse, hartverwarmende kom uiensoep.  Het recept op zich is weinig origineel natuurlijk. Iedereen kan het wel maken en elke kok geeft er zijn of haar eigen twist aan. Maar het heerlijke van deze soep is dat je de (goedkope) ingrediënten eigenlijk altijd wel in huis hebt en bovendien is het recept super gemakkelijk aan te passen aan elk dieet. Het enige wat er echt in moet zijn uien. Heel veel uien, grof gesneden of in ringen (dat laatste heeft mijn voorkeur). Het snijden van de uien kost mij de nodige tranen, of althans, dat deed het tot vandaag. Want vandaag kwam mijn Amerikaanse vriendin met een bizarre tip die nog blijkt te werken ook! Zij raadde mij aan om tijdens het uien snijden op kauwgom te kauwen om mijn krokodillentranen te voorkomen. Laat het maar aan die Amerikanen over om talloze briljante gebruikswijzen te verzinnen voor een product van eigen origine. Want krankzinnig als het moge klinken, sinds het kauwgom kauwen heb ik werkelijk geen traan meer gelaten, briljant! Was alles in het leven maar zo simpel op te lossen.
Ondertussen smelt ik een klontje roomboter in de pan met een scheutje olijfolie (voor een koemelkeiwit- of lactose vrije variant, gebruik je Wajang en/of olijfolie). Als de boter gesmolten is, voeg ik mijn vele uienringen toe die ik met de deksel op de pan rustig laat sudderen. Nog even een laurierblaadje erbij en een beetje oregano en twee geplette tenen gerookte knoflook. Dat laatste is echt onmisbaar geworden in mijn keuken. Het heeft een heerlijk subtiel rookaroma en is ook nog lang houdbaar, tot maar liefst 12 maanden. Nou ja, dat is voor mij wat minder relevant, want zo’n streng houdt het nooit 12 maanden vol in mijn keuken, dan is het al lang op!
Veel meer dan een beetje liefde, aandacht en geduld heeft mijn uiensoepje niet nodig overigens. De kunst is om de uien met de deksel op de pan op een laag vuur heel langzaam goudbruin te laten worden, kun je ondertussen een stukje ‘Boer zoekt vrouw’ kijken. Zelf strooi ik er altijd nog een beetje bloem op voor een lichtgebonden versie, maar zelfs dat hoeft niet (en voor een glutenvrije variant moet je het zeker laten!). Daarna gaat het vocht erbij. Dat kan bouillon zijn, maar ook (in combinatie met) een scheutje bier of het restje wijn van die gezellige avond gisteren, of zelfs gewoon alleen maar water. Ideaal als je zoutvrij moet eten. Dan nog even laten pruttelen en voilá de hartverwarmende soep is klaar. Verdeel de soep over kommen, leg er desgewenst een broodje met geraspte kaas op en plaats het nog even onder de grill.

Bon apetit!
Ingrediënten voor een hartverwarmende, traanloze uiensoep á la Larisse:
1 stukje kauwgom
6 á 7 blonde uien
2 tenen geroosterde knoflook
een klontje roomboter of Wajang (optioneel)
een flinke scheut olijfolie
een blaadje laurier
een half theelepeltje gedroogde oregano
2 eetlepels patent tarwebloem (optioneel)
1 liter vocht (bouillon, eventueel in combinatie met bier of wijn, of water)
naar wens: per soepkom een stukje brood en twee eetlepels geraspte kaas